Kapha wordt in de geschriften vaak vergeleken met de olifant. Zelf zie ik enorm veel overeenkomsten tussen Kapha en de koe. En dat is zeker niet beledigend bedoeld, want koeien behoren tot mijn lievelingsdieren.

Neem bijvoorbeeld hun lieve, grote ogen. Die stralen niets dan compassie uit. Toen ik een keer met een gebroken hart was gaan fietsen, kwam ik aan bij een weiland met koeien. Ik ging langs het hek staan en al gauw kwamen Bertha één tot en met tien aangesjokt. Met zijn allen keken ze mij aan, met die prachtige ogen vol liefde en compassie trokken gezamenlijk een grote huilbui uit me. Heerlijk was het, om zo diep te kunnen huilen omringd door die koeien. Gedompeld in hun troost, die ze alleen maar konden en hoefden te bieden door hun aandacht. Dit beschrijft meteen al, naar mijn mening, mooiste eigenschap van Kapha. Hun liefdevolle empathie.

Naast hun grote lieve ogen, hebben ze net als Kapha een stevig lijf. Qua uiterlijk zijn ze  behoorlijk homogeen. Hun eigen boer moet zelfs hun oren nummeren om ze uit elkaar te houden. Net als een Kapha-persoon voelen ze geen behoefte om op te vallen. Ze houden van samenzijn en verkeren altijd in de sisterhood. Zelden zie je een koe die eenzaam in de weide staat. Ze verkeren in harmonie en hebben nooit ruzie met elkaar. (Ik heb in ieder geval nog nooit een groep koeien zien ruziën.) En wat doen ze de hele dag? Nou niet zoveel. Grazen en een beetje hangen. Lichaamsbeweging? Liever niet, nou met uitzondering dan van dat jaarlijkse huppeltje als ze uit de stal komen. Net als Kapha, die is ook liever lui dan moe.

In India heeft de koe een heilige status. Het verhaal hierachter is als volgt. De koe is het enige één- of tweewerpige zoogdier met vier tepels. De mens en een geit hebben er maar twee. Een varken heeft er veel meer, maar zij baart dan ook een heleboel biggetjes in één keer. Volgens de Veda’s heeft een koe niet zomaar vier tepels; twee zijn bedoeld om haar kalfje te voeden, één is bedoeld voor voeding voor de mens en de vierde tepel is bedoeld voor God. Dit laatste wijst naar de vele Vedische rituelen, waarbij ghee, melk of yoghurt wordt geofferd.

Een prachtig idee, helaas verloren gegaan door de eeuwige hebzucht van de mens. Die niet genoegen kan nemen met die ene tepel, maar ze gelijk alle vier wil. En koeien als machines behandelt. Kalfjes worden na de geboorte, vaak hardhandig, verwijderd, om de melkproductie opgang te krijgen. En wat doet de koe? Die schijnt dagenlang te huilen en te rouwen om haar kalfje. Kapha is de dosha die het meest gehecht is aan anderen, dus voor een dier, dat zoveel Kapha bevat is het extra triest wat er gebeurt. En net als Kapha komt de koe niet voor zichzelf op, maar ondergaat gelaten deze mishandeling en gruwelijkheden. Stel je voor dat je een tijger zou behandelen als een koe, op zou sluiten en haar jong zou wegnemen? Die gaat echt niet stilletjes in een hoekje zitten huilen. (ja, ook in dieren kun je weer Vata, Pitta en Kapha terug zien).

Mijn leraar, Dr Lad, zegt altijd dat ieder huishouden een eigen koe zou moeten hebben, gewoon in je tuin. Ervan uitgaande dat je een benedenwoning hebt en een tuin met voldoende ruimte. En dat je die koe een naam zou moeten geven en met liefde, als lid van je gezin zou moeten behandelen. Haar een kalfje laten baren, dat gewoon samen bij haar moeder mag blijven, want er is genoeg melk voor iedereen. Die melk zou echt van de allerhoogste kwaliteit zijn. Lijkt me een heerlijk scenario. Stukje land, moestuin en onze eigen koe. Tot die tijd kies ik ervoor zo min mogelijk melkproducten te gebruiken, met uitzondering van ghee. Industriële melk bevat niet alleen medicijnen zoals antibiotica, maar is energetisch ook doordrenkt met het  verdriet en het leiden van de koe.